Volgens afspraken, in Sint Petersburg met Elena (de predikante in Gussew) gemaakt, waren er 45 pakketten samengesteld in de bekende geelgekleurde winkel waar we jaarlijks onze inkopen doen. Het is dan ook eersthanden schudden met de eigenares en haar hulptroepen, die deze klus hadden geklaard. Deze jongens waren niet ‘happy’ geweest met wat we daar vorig jaar tegenovergesteld hadden toen zij de pakketten die wij toen nog samenstelden naar het Diakoniehaus hadden gebracht. Het was dus zaak hen ditmaal niet alleen happy, maar zeer happy te maken!

25 pakketten waren bestemd voor de gemeenteleden die we in de kerk zouden aantreffen, de 20 anderen gingen naar enkele families die verspreid in de dorpen eromheen woonden. Het resultaat was twee auto’s vol die we in het Gemeindehaus en in de kerk hebben geplaatst en met een aantal ervan zijn we direct op weg gegaan naar een tweetal ‘vlekken’ in de omgeving (na even in ‘The Old City’ een kop koffie te hebben gedronken en een croissant te hebben genuttigd – het was al half twee en Patricia wil je ook op de been houden).
De eerste plaats was Gavrilova, waar Ludmila, de spil in deze gemeente, ons opwachtte in de kerk ter grootte van een huiskamer en die we van binnen en buiten op film hebben vastgelegd. Na grondige inspectie ervan door Jan zal er waarschijnlijk een bijkantoor van Bouwbedrijf Van Laar worden neergezet in dit dorp om deze kerk en huizen grondig te isoleren en vooral te ventileren (maak je borst maar nat Jan-Pieter en André, Wapenveld was al ver, de oblast Kaliningrad is nog verder). Bij Ludmila hebben we gegeten en met haar een bezoek gebracht aan een vrouw met zes kinderen, waarvan er één gehandicapt was. We hebben heel voorzichtig vanuit de hal wat rondgekeken, maar wilden niet alles zien vanuit een gevoel van een zekere schaamte.
Daarna reden we naar het moeilijk bereikbare Dubrawa (zo’n 10 kilometer schommelen op een onverharde weg, waar we wederom een bezoek brachten aan een gezin dat in twee betrekkelijk kleine kamers moest wonen. Net als vorig jaar maakte het nog altijd een sombere indruk op ons, al was het kind dat zij hebben nu beter en lag het heerlijk te slapen, terwijl het vorig jaar nog ziek op de armen van zijn moeder lag. Tegenover het huis ligt een kleine kruidenierszaak uit de jaren ‘50 van de vorige eeuw waar nog een weegschaal staat met gewichten om de prijs van sommige productente bepalen.
Inmiddels was het de hoogste tijd nog een poosje aan m’n predicatie te werken, want de volgende dag vroeg zou ik met Ada, de tolk, de dingen die ik wilde zeggen doornemen. Die overdenking verliep voorspoedig (alsof alles zich gedurende de tijd al in je hoofd had gevormd), zodat er ook nog tijd overbleef met de Van Laartjes een ‘toetertje’ te nemen bij wijze van slaapmuts.